• Johan Lok

Oom Ger

'Je hebt het schrijven vast van je oom Ger,' zei mijn vrouw toen ze zijn verhaal had gelezen in de nieuwste Krommenieër Kroniek van het Historisch Genootschap. Mijn ouders waren allebei geen grote schrijvers. Al was het verhaal dat mijn vader ooit over mijn moeder schreef heel erg mooi. Voor alle duidelijkheid, ik heb twee oom Gers. Mijn vader heeft namelijk een broer die Ger heet en de broer van mijn moeder luistert ook naar die naam.

Grappig is wel dat het eerste wat ik ooit schreef, voetbalverslagen voor de KVV'er waren. Ik zat toen nog bij de pupillen (die bestonden toen nog, net als de baby-pupillen). Oom Ger, die van mijn vaderskant, dus Lok, schreef als aanvoerder van zijn team verslagen onder de naam Loko. Ik besloot zijn voorbeeld te volgen en deed dat onder de naam Jolo. Toen natuurlijk niet wetend dat ik mijn hele leven m'n geld zou verdienen met schrijven.

Maar ook mijn andere oom Ger (die van mijn moederskant, dus Kuijper) schrijft. Toen ik klein was woonde hij op de Witte Klaverlaan, samen met tante Janny, neef Guus en nicht Afke. Toen ze verhuisden naar Papendrecht, waar hij ging werken bij Van Nelle, zijn we daar nog wel eens geweest. Maar daarna verwaterde het contact. Zeker toen ze, net als mijn ouders, naar het oosten van het land verhuisden. Toen bestond het contact uit een jaarlijkse kerstkaart. Vanuit het oosten kregen we altijd een hele bijzondere. Want naast schrijven kan oom Ger ook heel leuk tekenen.

De kerstkaart was altijd een tekening van een bijzonder gebouw uit de buurt waar hij woont. Sinds enkele tijd is er wat meer contact, doordat oom Ger ineens op Facebook zat. Echt spreken deed ik hem tijdens de crematie van mijn moeder. Een mooie man, die op zijn 93ste, nog bijna alles zelf doet. Op die manier wil je graag 100 worden.

Hij vertelde na de crematie van zijn zusje al dat hij met een verhaal over zijn jeugd bezig was. Het eerste deel daarvan staat in de nieuwste kroniek van het Historisch Genootschap. Bijzonder om te lezen omdat het zich voor een deel afspeelt op Uitweg 12, het huis dat mijn opa Klaas Kuijper heeft laten bouwen. Zoals over de ochtend van 10 mei 1940 toen mijn opa en oma het kamertje van oom Ger binnen renden om naar de overvliegende vliegtuigen, het ontploffen van granaten en het gerikketik van machinegeweervuur te kijken en te luisteren. Hetzelfde raam waardoor ik jaren later naar buiten staarde naar de koeien en de reigers als ik weer eens geen zin had om m'n huiswerk te maken.